Blog

  • Gevulde speculaas

    Gevulde speculaas

    Toen, zo’n honderd jaar geleden, mijn echtgenoot en ik net getrouwd waren, bakte ik eens een gevulde speculaas. Sinds die tijd zeurt mijn man er om of ik weer eens een gevulde speculaas bak, want hij vond het erg lekker. Dus toen ik van het weekend tijd had maakte ik amandelspijs en bakte ik een gevulde speculaas. Zegt die vent dus dat hij eigenlijk niet zo van amandelspijs houdt… Het is dat er nu meer gevulde speculaas voor mij is, maar anders had ik hem ingeruild hoor. Moet ik nog wel het bonnetje op zoeken en hoe lang heb je eigenlijk garantie op die mannen?

    Close-up van gevulde speculaas met koffie

    Speculaas is, net als pepernoten en speculaaskoeken, echt iets wat bij deze tijd van het jaar hoort. Meestal ben ik wel van het langzaam aan in de keuken, koken en bakken vind ik heerlijk om te doen, maar dit recept is supersnel! In ongeveer een dik uur heb je een stuk gevulde speculaas naast je koffiemok liggen. Dat is voor een dikke koek verrassend snel. Het geheim zit hem in de voorbereiding en in het slim inkopen van de ingrediënten. Je kunt voorverpakte amandelspijs kopen, maar zelfgemaakt is zo veel lekkerder! En het maken ervan kost je echt minder dan 1 minuut. Incluis alles klaarzetten, had ik de gevulde speculaas binnen 10 minuten in de oven staan, maar ik ben dan erg snel zo zegt mijn man.

    Met dit recept heb je een flink stuk gevulde speculaas, genoeg voor 16 grote porties. Natuurlijk kun je de gevulde speculaas ook in kleinere stukken snijden. Je kunt zelfs met een koekvorm of -uitsteker of een glas, vormen uit de gevulde speculaas steken/snijden.
    Bewaren van de gevulde speculaas is soms noodzakelijk, zorg voor een luchtdichte trommel, dan kun je de gevulde speculaas ongeveer een week bewaren. Wil je hem nog langer bewaren, dan is de vriezer de beste plek. Snij de gevulde speculaas wel in stukken, dit is sneller met ontdooien en bevroren gevulde speculaas is niet te snijden. Je moet dan het hele stuk eerst laten ontdooien. Extra lekker wordt de gevulde speculaas als je na het ontdooien hem nog een minuutje of 2-3 in een hete oven plaatst op 175°C.

    Tips:

    Gevulde speculaas met thee
    • Laat de vorm na het storten over de gevulde speculaas staan, dan wordt hij extra smeuïg.
    • Vet je vorm goed in met roomboter, let goed op de hoekjes en randjes. Hoe beter je de bakvorm invet hoe gemakkelijker de gevulde speculaas gestort kan worden. Gebruik hiervoor een bakkwast of je superschone vingers.
    • Verwarm je oven voor op het moment dat je begint met het klaarzetten van de ingrediënten.
    • Zet alle ingrediënten klaar voordat je begint en weeg alles heel secuur en netjes af.
    • Koud water is echt nodig, de ideale temperatuur is richting het vriespunt. Doe 4 eetlepels water in een bakje dat in de vriezer kan en je hebt binnen 5 minuten ijskoud water. Geen vriezer bij de hand, zet dan het bakje 10 minuten in de koelkast.
    • Wil je wat extra pit, vervang dan het ijskoude water door een ijskoude kaneellikeur of door 60 milliliter ijskoude espresso.
    • Heb je een keukenmachine staan, zo eentje met messen, gebruik die dan. Het scheelt je toch zeker 5 minuten. Heb je er geen, en brengt Sint er ook niet een, dan kun je een stevige vork gebruiken om boter door de bloem te prakken voordat je er een deegbal van kneed. In het recept staat wat je verder moet doen.
    • Gebruik roomboter, geen margarine. De smaak van roomboter zorgt ervoor dat de gevulde speculaas veel, veel, veel beter smaakt. Natuurlijk kun je margarine gebruiken, gebruik dan een extra zakje vanillesuiker.

    Wat heb je nodig voor een heerlijke gevulde speculaas:

    Een vierkante bakvorm van 23×23 centimeter of een ronde vorm van 24 centimeter.
    Een keukenmachine met messen of een stevige vork met een paar spierballen en een mengkom.
    2 mengkommen, een voor het deeg en een voor het amandelspijs.
    Superschone vingers, je moet namelijk een deegbal kneden.
    Een rasp voor de citroen en een citruspers.
    Een deegroller en een bakkwast.

    300 gram bloem en 1 eetlepel extra voor het uitrollen van het deeg

    15 gram bakpoeder

    170 gram roomboter, koud en 10 gram extra voor het invetten van het bakblik

    175 gram bruine basterdsuiker

    1 zakje vanillesuiker

    2 eieren

    20 gram speculaaskruiden

    4 eetlepels ijskoud water, dit is 60 milliliter, bij de tips staan lekkere variaties

    Snuf zout

    200 gram amandelmeel

    200 gram kristalsuiker

    2 biologische citroenen, schoongeboend

    Voor de garnering kun je verschillende toppings kiezen, een gepelde amandel is heel klassiek maar je kunt ook kiezen voor een paar eetlepels amandelschaafsel. Je kunt ook kiezen voor schuddebuikjes of speculaasjes met zo’n molentje erop, in stukken. Dit is des bakkerskeuze.

    Hoe maak je een gevulde speculaas:

    1. Verwarm de oven voor op 175°C met boven- en onderwarmte (niet de hete lucht functie!). Zet een bakje klaar voor je afval en zet dan alle ingrediënten klaar.
    2. Doe in de keukenmachine bloem, bakpoeder, bruine basterdsuiker, vanillesuiker, de speculaaskruiden, 4 eetlepels water en de koude boter in blokjes. Zet de keukenmachine aan op de pulse stand totdat er een korrelig deeg ontstaat, stort dit in een kom en kneed het met koele hand snel tot een bal.
      Heb je geen keukenmachine, prak dan met een vork de boterklontjes door de bloem, bruine basterdsuiker, 1 zakje vanillesuiker en de speculaaskruiden in een grote kom. Eventueel kun je met je vingers de klontjes kleiner maken door de boter en het meelmengsel te knijpen tussen de toppen van je vingers en je duim. Voeg de eieren en de 4 eetlepels ijskoud water toe  en kneed met een koele hand tot een bal.
    3. Verdeel de deegbal in 2 ongeveer gelijke stukken. Vet het bakblik zorgvuldig in met een klontje roomboter. Rol een van de deegballen uit op een met bloem bestoven werkblad tot de grootte van je bakblik en leg de plak deeg in de vorm.
    4. Rasp de citroenen en pers ze uit. Breek de eieren in een kom en roer deze los met een vork.
    5. Doe in een schone mengkom amandelmeel, de kristalsuiker, de citroenrasp, het citroensap en het grootste gedeelte van het ei (bewaar een beetje om de bovenkant van de gevulde speculaas in te smeren).
      Roer alles door elkaar met een houten lepel tot een plakkerige massa.
    6. Verdeel de amandelspijs over de plak deeg in de vorm. Met de achterkant van een natte eetlepel maak je de bovenkant glad. Als de lepel begint te plakken moet je hem weer even nat maken.
    7. Rol de tweede deegbal uit op het met bloem bestoven werkblad tot de grootte van je bakblik en leg de plak deeg in de vorm.
      Met het resterende ei bestrijk je de gevulde speculaas, dit hoeft maar een heel dun laagje te zijn.
      Verdeel de topping over de gevulde speculaas.
    8. Schuif het bakblik, op de bakplaat, in de oven. Bak in 30 minuten de gevulde speculaas gaar, haal voorzichtig uit de oven en laat de koek 5 minuten afkoelen voordat je hem stort op een snijplank. Laat de vorm over de gevulde speculaas staan terwijl deze verder afkoelt. Wanneer je haast hebt kun je hem ook zonder vorm laten afkoelen. Snij de gevulde speculaas pas aan als deze handwarm, of volledig afgekoeld is. Gebruik hiervoor een schoon, scherp mes.

    Serveer de gevulde speculaas met een kop kaneelthee, koffie of chocolademelk (dat recept vind je hier).

    Veel plezier met het maken van de gevulde speculaas, liefs Norah

  • Verdraaid leuke polswarmers. Een gratis patroon van Hollandelijk.

    Norah’s verdraaid leuke polswarmers

    Deze herfst en winter zijn ze behoorlijk hip, de polswarmers. Gezien de kou en de stijgende energieprijzen is het niet zo gek dat we allemaal opzoek gaan naar warmte. Polswarmers zijn een goede manier om warm te blijven, zeker wanneer je een wolletje gebruikt waar wol of acryl in zit. Deze materialen isoleren beter dan koel katoen of bamboe, hierdoor zijn ze dus beter geschikt voor najaar en andere koude dagen.
    Ook ik ging voor de bijl en breide een stel verdraaid leuke polswarmers. En met dit koude weer draag ik ze onder mijn wanten, verdraaid lekker warm! Want sneeuw in december is wel erg koud, vinden jullie ook niet? Het is maar te hopen dat Sint en Ozosnel niet van de daken glijden met pakjesavond!

    Ik hartje verdraaid leuke polswarmers

    De Verdraaid Leuke Polswarmers heb ik gebreid met een dun sokkengaren. Dit zorgt ervoor dat de polswarmers niet snel gaan knellen of in de weg zitten bij je dagelijkse bezigheden. Ook zorgt het ervoor dat je de Verdraaid Leuke Polswarmers ook verdraaid makkelijk onder je handschoenen kunt dragen.

    Het is een gratis patroon, die je onderaan deze blog kunt vinden.
    Wanneer je de Verdraaid Leuke Polswarmers hebt gebreid en ze op Instagram zet, vind ik het leuk wanneer je mij in de foto wilt taggen met @hollandelijk. Ook mag je de Verdraaid Leuke Polswarmers delen op de Facebookpagina van Hollandelijk, deze vind je hier.

    Benodigdheden

    Dit patroon is speciaal geschreven voor sokkengarens met een gewicht van 50 gram en 200 tot 210 meter looplengte. Uit 1 bolletje kun je gemakkelijk 2 polswarmers breien. Ik heb Scheepjes Downtown gebruikt in de kleur Leafy Suburb. Het leuke van dit garen is dat je 2 precies dezelfde polswarmers kunt breien.
    Verder heb je nodig rondbreinaalden van 2,5mm van 80cm, een meetlint, een schaartje en een stopnaald.

    Hoewel het een gemakkelijk patroon is moet je de volgende breivaardigheden hebben:

    Vind je een update nodig over continentaal breien, deze vind je bij Naatje Knit op YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=DHQXTOe0xws

    Tips bij het patroon

    Omdat je, net als bij sokken, in het rond breit hoef je geen naad dicht te naaien. Wel even opletten dat je de opzettoer niet gedraaid hebt, anders moet je overnieuw beginnen. Dat weet ik omdat (je mag nu hard lachen) ik het heb uitgeprobeerd. En dat meerdere keren.😊 En dat is verdraaid vervelend.

    Het begin van de verdraaid leuke polswarmers


    Echt moeilijk is het breien van de Verdraaid Leuke Polswarmers niet en ik schat in dat zelfs de beginnende breister dit kan breien.
    Zelf brei ik met een rondbreinaald volgens de Golden Loop Methode, maar je kunt eventueel ook sokkenbreinaalden gebruiken. Hierbij moet je zelf het patroon aanpassen, want breien met meer dan 2 naalden is niet mijn kopje thee. Zo ver rijkt mijn breivaardigheid niet, helaas.
    Lees het patroon eerst door voordat je begint met breien, dat voorkomt dat je later misschien in de problemen komt. Zie mijn opmerking hierboven over de opzettoer…

    Het patroon

    De basis van de Verdraaid Leuke Polswarmers is een ribpatroon, dit zorgt ervoor dat je lekker kunt door breien.
    De maat voor de polswarmers is voor volwassenen en het is een een-maat-past-bijna-iedereen. Wanneer je garen en/of breinaalden iets dunner zijn, worden de Verdraaid Leuke Polswarmers kleiner en meer geschikt voor mensen met kleinere polsen. Andersom telt het ook, wanneer je dikker garen en/of breinaalden gebruikt dan worden de polswarmers groter en dus meer geschikt voor grote knuisten. Ook kun je zonder probleem 2 steken meer of 2 steken minder opzetten. Deze steken maak je, of laat je verdwijnen, aan de kant van de pink.

    De gebruikte steek is zeer elastisch en vormt zich om je polsen, je wilt niet dat ze te strak zitten of te los. Het is even passen om te zien hoe ze zitten.

    Goed om te weten is dat je de Verdraaid Leuke Polswarmers breit vanaf de vingers naar de onderarm, zo kun je zelf de gewenste lengte aanhouden.

    Opzetten

    Zet met de Lange Draad Methode 64 steken op en brei 1 toer volgens de volgende boordsteek: *1 verdraaid recht, 1 averecht* herhaal dit tot het einde van de toer.

    Verdeel nu het aantal steken in 2 delen door de kabel tussen steek 32 en 33 te laten uitsteken. Leg alle steken zo neer dat je geen draaiingen hebt en plaats de steken waar je bent begonnen deze toer op de breinaald.

    De hand

    Controleer er nogmaals op dat je breiwerk geen draaiingen heeft, beter een keer extra controleren dan later alles moeten uithalen.

    Vanaf dit punt brei je in het rond in een verdraaide boordsteek: *1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht* herhaal dit totdat je 6 centimeter gebreid hebt.

    De duim

    Deze bestaat uit 2 toeren:

    1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, 1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, 1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, hecht 12 steken af, brei de toer (nog 46 st) in het boordpatroon *1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht*

    1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, 1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, 1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht, zet 14 steken op en brei de overige 46 steken in het boordpatroon *1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht*. Je hebt nu 66 steken in totaal.

    De pols

    Vanaf dit punt is het rondbreien in het verdraaid leuke boordsteekpatroon: *1 steek verdraaid recht en 1 steek averecht* tot je een totale lengte hebt van 25 centimeter, of de lengte die je graag wil. Dit is een beetje afhankelijk van de lengte van je onderarmen. Uit een bolletje Scheepjes Metropolis sokkengaren van 50 gram kan ik ruim 2 polswarmers breien, dus je kunt de polswarmers gerust zo lang maken als dat je wil.

    Het Afhechten

    Aangekomen bij de juiste lengte is het tijd om af te hechten. Dit moet je met de Flexibele Afhecht Methode doen, anders wordt het lastig om je Verdraaid Leuke Polswarmers aan te trekken of uit te doen. Wanneer je klaar bent met afhechten is het tijd om de draadjes weg te werken, de Verdraaid Leuke Polswarmers te wassen. Na het drogen kun je er verdraaid leuk mee flaneren.

    Verdraaid veel breiplezier! Liefs, Norah

  • De Zandlijnen Shawl

    De Zandlijnen op het strand

    De Zandlijnen Shawl op het strand

    Een van de meest fascinerende dingen op het strand vind ik de Zandlijnen, kleine golfjes uitgebeeld in het zand. Ze ontstaan zomaar, meestal vlak onder of vlakbij de waterlijn. Regelmatig gevormde lijnen in een onregelmatig golfpatroon. Tijdens de Corona-periode zijn man, Stuiterpluis (onze Silke leefde toen nog!) en ik een aantal keer naar het strand gegaan. Even wat (positieve) energie ophalen, leuke hondjes ontmoeten en kletsen met de (net zo leuke) eigenaren. Hard nodig wanneer je niet lekker in je vel steekt en je haaknaald staat te roesten in een haakdip (lees hier en hier de blog die ik daarover schreef). Toen we in Zeeland een weekendje weg zijn geweest zijn we ook naar het strand geweest, leuke foto’s gemaakt van Silke Stuiterpluis en de zee. Thuisgekomen bekeken we de foto’s en ineens zag ik een shawl in de foto, de Zandlijnen Shawl. De inspiratie begon te borrelen en de haaknaald te ronken, de haakdip verdween achter de horizon.

    De eerste de beste bol garen

    Nadat ik een tekening had gemaakt en een eerste opzet in mijn hoofd had, greep ik de eerste de beste bol: Scheepjes Whirl Lavenderlicious. Niet de beste keus, want geen zon-zee-strand-kleuren. Maar het kleurverloop en het garen laten het patroon tot zijn recht komen. En nadat de Whirl opgehaakt was bleek het patroon zo verslavend leuk dat ik nog een shawl haakte. Dit keer in een pluizig wolletje dat ik (lang, lang geleden… het begin van elk sprookje) op de haak- en breibeurs in Zwolle kocht. Ook zo’n winnaar en lekker zacht ook nog.

    Zandlijnen Shawl

    Een close-up foto van de Zandlijnen Shawl

    Omdat je 5 verschillende steken gebruikt (losse, vaste, halfstokje, stokje en dubbelstokje) is de shawl zeer geschikt voor beginnende haaksterren. Niet om op te scheppen (oké een klein beetje dan) maar ik heb de pluizig Zandlijnen Shawl gehaakt zonder leesbril op mijn neus. Zo gemakkelijk is de Zandlijnen Shawl dus! Je kiest een mooi wolletje uit, de bijpassende haaknaald en je kunt los.

    De enige moeilijkheid zit in de opzettoer, ik gebruik zelf de hakend-opzetten-methode maar vind je deze te moeilijk dan kun je ook opzetten met een lossenketting. Beide methodes staan beschreven in het patroon.

    De Zandlijnen Shawl is gemakkelijk aan te passen in de breedte, maar je moet er wel rekening mee houden dat je diagonaal, dus schuin, haakt. Hierdoor wordt de breedte van de Zandlijnen Shawl minder breed dan dat je opzetbreedte is. Haak dus altijd een langere opzettoer dan dat je de breedte wil. De verhouding, en dit is nogal technisch/wiskundig, is ongeveer dat de breedte van de Zandlijnen Shawl ongeveer 30% kleiner is dan de opzettoer. Wil je een bepaalde breedte en je komt niet uit de opzettoer? Stuur me dan een berichtje en ik help je hiermee.

    Ook fijn om te weten is dat de Zandlijnen Shawl foutjes verdoezeld, een steek te veel of te weinig? Niet te zien. Per ongeluk een verkeerde steek gehaakt? Uithalen is optioneel, maar je kunt ook gewoon doorhaken. Niemand die het ziet. Beloofd. Want de zandlijnen op het strand zijn ook niet allemaal gelijk.

    De Zandlijnen Shawl is ongeveer 210 centimeter lang en 27 centimeter breed, dit is met de Scheepjes Whirl. Gebruik je ander garen en/of een andere maat haaknaald dan kan de afmeting van de Zandlijnen Shawl groter of kleiner worden.

    Wat heb je nodig voor zo’n mooie Zandlijnen shawl:

    1000-1200m garen geschikt voor naald 3,5/4mm. Ik heb 1 cake Scheepjes whirl in de kleur Lavenderlicious 758 gebruikt voor de Zandlijnen Shawl met kleurverloop  en, voor de paarse pluissjaal heb ik 750 meter van een naamloos pluizig garen gebruikt dat ik op de beurs in Zwolle heb gekocht, hiervoor gebruikte ik haaknaald 5.

    Haaknaald 4 wanneer je de Zandlijnen Shawl in Scheepjes Whirl of Whirlette haakt. Haak je strakker dan gemiddeld dan kun je haaknaald 4,5 gebruiken. Haak je losser dan gemiddeld dan kun je haaknaald 3,5 gebruiken. Met een pluizig garen kies je voor een flink grote haaknaald, liever iets te groot dan de klein. Voor de maat van de haaknaald kijk je op het label van het garen en neem je de grootste maat als er 2 maten staan (bijvoorbeeld: garen geschikt voor naald 3-3,5. Dan gebruik je haaknaald 3,5, tenzij je strakker of losser haakt). Kom je hier niet uit, dan mag je mij altijd een berichtje sturen!

    Schaartje en een stopnaald.

    Een steekmarkeerder die je kunt openen en sluiten of een veiligheidsspeldje.

    Een wasknijpertje of een paperclip. Deze kun je gebruiken om bij te houden bij welke toer je bent. Naast het patroon staat een toeren-tel-schema met de getallen 3 tot 9 en je kun de wasknijper/paperclip bij de toer vastmaken waar je gebleven bent. Heel handig, al zeg ik het zelf.

    Het patroon, dat vind je hier.

    De extraatjes

    De quote van de Zandlijnen Shawl: The sea has her own language, it's written in the sand and washed up at the beach

    Bij het patroon van de Zandlijnen Shawl vind je een patroonblad, hier kun je alle informatie opschrijven. Er is voldoende ruimte voor de belangrijke zaken als: de maat van je haaknaald, welk garen je gebruikt en welke kleur(en) je de Zandlijnen Shawl haakt. Ook is er ruimte voor een foto en voor notities.

    Ook vind je een patroonschema, mét een handige toerenteller (wel even zelf een knijpertje of paperclip erbij pakken). Het toeren-tel-schema vind je ook bij het uitgeschreven patroon.

    Als laatste zijn er close-up foto’s die je helpen bij het haken.

    Veel haakplezier! Liefs, Norah.

  • Dulce de leche fudge

    Dulce de leche fudge met een kopje thee en een bolletje garen
    Dulce de leche fudge

    Zoetekauwen opgelet! Deze keer wil ik jullie meenemen in de wondere wereld van dulce de leche fudge. Wanneer je eenmaal dulce de leche hebt geproefd eet je zo het hele blikje leeg. Meerdere mensen hebben dit (meer dan eens) uitgetest en ook ik vind het lastig om de dulce de leche te doseren. Een blikje telt bijna als een hap, toch?

    Het maken van echte dulce de leche van een blikje gecondenseerde melk duur lang. Zo’n 3 tot 4 uur op een laag pitje koken en dan voldoende laten afkoelen om op te eten te verwerken. Het recept voor dulce de leche is eigenlijk te simpel voor woorden. Kun je water koken dan kun je het maken!

    Even opletten!

    De truc is dat je het blikje helemaal ondergedompeld laat koken en dat de temperatuur in het blikje zeer langzaam oploopt. Dit zorgt voor een maillardreactie waarbij de suiker en het melkeiwit vriendjes worden en de typische bruinkleuring ontstaat. Het is dezelfde reactie als je vlees aanbraadt, of iets laat aanbranden, of aardappels opbakt. Bij dulce de leche ontstaat deze reactie in het blikje en hoe langer je dit de tijd geeft hoe dieper de smaak.

    Meestal kook ik de dulce de leche ongeveer 3,5 uur, hierbij let ik goed op dat er voldoende water in de pan staat. Omdat wanneer de bovenkant van het blikje onvoldoende onder water staat, deze kan exploderen. Gevaarlijk wanneer je met de neus erboven hangt, vervelend wanneer je een knal hoort en de hele keuken onder de plaksmurrie zit. Het is mij nooit overkomen *klopt op hout*, omdat ik elk half uur het waterpeil controleer en zo nodig aanvul met warm water. Ik gebruik dezelfde oude soeppan van 6 liter die ik ook gebruik voor mijn boffert (een soort in de pan gekookte rozijnen cake/brood) en ik kan tot 4 blikjes tegelijk koken.

    Blikje dulce de leche op een houten plank met het opschrift Hollandelijk.
    Dulce de leche, eetbaar vanuit het blik!

    Het recept voor dulce de leche:

    Blikje(s) gecondenseerde melk, een hoge pan waarbij het blikje ruim onder water staat, water en tijd. Dat is wat je nodig hebt. Omdat je de ongeopende blikjes tot wel 3 maanden kunt bewaren in de koelkast is het raadzaam om meerdere blikjes tegelijk te koken.

    Stap 1 is het papier van het blikje peuteren. Stap 2 is water in de pan en het blikje (of meerdere) laten zakken, stap 3 is water aan de kook brengen, de hittebron op laag zetten. En stap 4 is 3 tot 4 uur laten koken waarbij je regelmatig het waterpeil controleert. Stap 5 is laten afkoelen in het water. ‘n Kind kan de was doen!

    Dulce de leche heeft nadelen

    Een ervan is de kooktijd, nummer 2 is dat je ervan blijft eten en C de plakkerige pasta is niet gemakkelijk om een klein beetje ervan mee te nemen als snack of om uit te delen.
    Aan de eerste 2 nadelen kun je weinig veranderen, maar het laatste nadeel is aan te pakken. Omdat je wel de smaak wil en niet de kleverigheid hebben er mensen bedacht om fudge te maken, een licht korrelige toffee. Een recept voor echt lekkere fudge, die niet te zoet is, ben ik nog niet tegengekomen. Of er zitten harde suikerkristallen in, of het is ontzettend zoet, of de smaak van de dulce de leche is er niet. In gesprek met patisserie chef Paula over mislukkende baksels, kwam ik op het idee om op te schrijven wat er fout gaat om zo een gemakkelijk te volgen recept te maken. Omdat ik hou van de complexe smaak van de dulce de leche wil ik dat je deze goed kunt proeven.

    De perfecte dulce de leche fudge bestaat!

    Het onderstaande recept is goed voor 1 tot 30 stukken, dit hangt ervan af hoe groot je de stukjes fudge wil en of je wil uitdelen. Meestal snij ik blokjes van 2×2 centimeter, of iets groter of kleiner. Dit hangt af van de dikte van de fudge.

    Wil je meer maken dan kun je het recept verdubbelen, gebruik dan wel een groter blik voor het opstijven van de fudge dan aangegeven in het recept.

    Tips

    Lees alsjeblieft eerst de tips goed door, dit zijn de fouten die ik (en anderen) gemaakt hebben. De tips helpen je om de perfecte dulce de leche fudge te maken.

    • Allereerst de pan: gebruik een grote pan met een dikke bodem of een grote braadpan. Denk hierbij aan een pan met een minimale inhoud van 2,5-3 liter. Een koekenpan is niet geschikt, je hebt een pan nodig met een hoge rand vanwege het bubbelen en resten van het overkoken zijn lastig te verwijderen.
    • Gebruik een lange pollepel en roer zeer rustig en voorzichtig in de pan. Zorg ervoor dat je over de hele bodem van de pan roert zodat de suiker niet kan aanbranden in de pan. Gebruik een roerijzer die bestand is tegen een hoge temperatuur, bij voorkeur metaal of hout. Kunststoffen roerlepel kunnen smelten en kleine plastic deeltjes achterlaten in de fudge en dat is een grote NeeNee.
    • Neem de tijd, het kost ongeveer een 30 tot 40 minuten om de fudge te maken, hoe langer je erover doet om de dulce de leche fudge te maken hoe meer de smaak van de gecondenseerde melk overblijft. Omdat het afkoelen ook tijd in beslag neemt kost het maken van deze fudge je ongeveer 3 tot 4 uur, dit hangt af van hoe snel de fudge afkoelt. Je kunt ook de fudge een hele nacht laten afkoelen voordat je deze aansnijdt, verwarm dan het mes goed voor zodat je een perfect blokje fudge kunt snijden.
    • Je moet bij het proces aanwezig zijn, je kunt niet eventjes tussendoor iets gaan doen. Zorg dus voor een lege blaas en dat je wat te drinken hebt klaar staan. Zelf zet ik een kop koffie klaar (omdat de geuren perfect combineren) en ik zet een glas water klaar. Leg ook je telefoon aan de kant, want afleiding kan ervoor zorgen dat je dulce de leche fudge verbrand. Mindful fudge maken dus.
    • Gebruik de kleinste pit van je fornuis. Laat je niet opjutten om een grotere pit te gebruiken of de hittebron heter te zetten. Een te grote hitte zorgt ervoor dat je suikerkristallen krijgt en verbrande stukken in de fudge. Ook gaat hierdoor de kenmerkende smaak van de dulce de leche weg, je houdt dan een karamelfudge over. Ook lekker maar dat kun je beter maken met slagroom.
    • Het is zeer heet, let dus op dat je geen brandwonden oploopt. Dit houdt ook in dat je niet proeft voordat de fudge op kamertemperatuur is. Gebruik een pannenlap waar nodig. En laat geen kinderen zonder toezicht bij de hete dulce de leche fudge!
    • Als je een suikerthermometer hebt dan kun je deze gebruiken om te controleren dat de karamel niet te heet wordt. Houd de temperatuur rond 100-110°C, maar niet heter dan dit.
    • Gebruik een vel bakpapier in het bakblik om de fudge te laten opstijven, dit scheelt je frustratie bij het storten. Heb je geen bakpapier dan kun je het best het blik invetten met een royale laag boter en zet totdat je de fudge gaat storten deze in de koelkast of vriezer. Let er goed op dat je de randen en de hoeken goed invet! Zet voor het eruit halen van de fudge de vorm een minuutje in een bak warm water (het liefst net van de kook af). Wanneer je bakpapier gebruikt is dit niet nodig. Gebruik liever geen aluminiumfolie omdat dit gemakkelijk scheurt en er kleine stukjes aluminium kunnen achterblijven in de fudge.
    • Laat de fudge rustig afkoelen tot kamertemperatuur, dit kost ongeveer 3 uur. Je kunt eventueel een koudere omgeving gebruiken om het afkoelen te versnellen, maar dit komt de structuur niet ten goede. Wil je een overheerlijke dulce de leche fudge dan zul je daarvoor de tijd moeten nemen.
    • Snijd de dulce de leche fudge pas wanneer deze op kamertemperatuur is. Gebruik een groot, schoon, scherp mes dat je even afspoelt met heet water. Tel je vingers voordat je begint en let erop dat je ze allemaal overhoudt tijdens het snijden. Let op met het snijden, de fudge is harder dan het lijkt!
    • De honing kun je vervangen door Golden syrup of door glucosesiroop. Dit doe je één op één, dus 60 gram van een van drieën. De toevoeging van honing, Golden syrup of glucosesiroop zorgt ervoor dat de suikerkristallen klein blijven en je dus geen harde stukken in de fudge hebt. De honing past bij de smaak van de dulce de leche fudge, daarom heb ik een voorkeur voor de honing in plaats van de Golden syrup of de glucosesiroop.
    • Je kunt de gecondenseerde melk gemakkelijk zelf maken, maar een blikje gecondenseerde melk kopen is net zo makkelijk.
    • De gecondenseerde melk gebruik je rechtstreeks vanuit het blikje, eerst een dulce de leche maken is dus niet nodig!
    • Als laatste: lees het recept eerst door voordat je begint met koken en zet alles klaar voordat je begint.

    Wat heb je nodig:

    Dulce de leche fudge blokjes.
    Dulce de leche fudge

    1 blik gecondenseerde melk van 397 gram

    1 theelepel fijn zeezout (afgestreken)

    250 gram kristalsuiker

    60 gram honing

    75 gram roomboter (ongezouten)

    Een grote, hoge pan met een dikke bodem, met een minimale inhoud van 2,5 liter

    Een lange pollepel

    Een metalen bakblik bekleed met een vel bakpapier, ik gebruik meestal een cakeblik van 12 bij 27 centimeter, of een bakblik van 20 bij 20 centimeter. Gebruik geen plastic, siliconen, glas of bakblik met verwijderbare rand. De hete dulce de leche fudge is niet vriendelijk voor deze materialen of vormen.

    Hoe maak je het:

    1. Zet de grote (braad)pan klaar op het kleinste pitje, zet alles klaar en weeg alle ingrediënten af. En zet het bakblik klaar met het vel bakpapier erin.
    2. Doe alles in de pan op deze volgorde: de boter in blokjes, de suiker, giet de gecondenseerde melk in de pan en de honing, als laatste voeg je het zout toe.
    3. Zet de hittebron zeer zachtjes aan en wacht met roeren totdat de boter gesmolten is.
    4. Roer zachtjes, voorzichtig en op een traag tempo, denk hierbij aan de traagste schildpad en je hebt het juiste tempo. Roer regelmatig in de ronding van de pan, hier ontstaat het snelste de karamel.
    5. Blijf roeren totdat de karamel een mooie diepbruine kleur heeft, dit duurt een poos, zet dan de hittebron uit. (Heb je te snel de pan van het vuur gehaald, onderaan staat de tip!)
    6. Op dit punt blijf je roeren totdat de karamel stopt met bubbelen, hierbij kun je het roer-tempo opvoeren tot een stevig tempo. Hoe langer je roert tijdens het afkoelen hoe kleiner de suikerkristallen worden.
    7. Stort voorzichtig het mengsel in het blik en strijk de bovenkant een beetje glad.
    8. Wacht totdat de dulce de leche fudge tot kamertemperatuur (ongeveer 20°C) is afgekoeld en snij dan in blokjes. Je kunt eventueel al snijden als de fudge handwarm (ongeveer 40°C) is, maar dan krijg je een minder mooie snijrand. Op de foto’s kun je zien dat ik niet kon wachten, haha!

    De dulce de leche fudge kun je in een luchtdichte trommel ongeveer een week bewaren, maar waarschijnlijk is de fudge tegen die tijd al op. Voordat je begint met snoepen zou ik het leuk vinden als je de fudge laat zien. Dit kan op Instagram met de tag #hollandelijk of @hollandelijk. Op Facebook mag je een foto plaatsten op de pagina van Hollandelijk, deze vind je hier.

    Als laatste tip: Wanneer je de fudge te kort hebt gekookt blijft deze plakkerig. Rol er dan balletjes van die je in cacaopoeder rolt. Zo wordt de dulce de leche fudge minder plakkerig. Bewaar dit in de koeling, dan hardt de fudge nog wat verder uit.

    Meer recepten, onder andere voor chocolademelk en speculaaskoeken vind je hier

    Veel plezier met maken! Liefs, Norah

  • Hoi, mijn naam is Norah

    Meestal ben ik niet zo persoonlijk, maar in deze blog wel.

    Jullie kennen mij als Natasja, maar dat is niet de naam die bij mij past. Daarom heb ik een naam gekozen die beter bij mij hoort: Norah. Ik zou het heel fijn vinden als jullie mij bij deze naam noemen.

    De naam Norah heb ik gekozen als meisje van een jaar of 11. Ik las toen alles wat los en vast zat, als er maar letters op stonden en ik kwam mijn naam tegen in een van de romantische stuiverromannetjes die mijn beppe (oma) las. Wanneer je gewend bent aan je eigen naam dan herken je deze en dat heb ik met Norah. De eerste keer dat ik mijn naam las weet ik nog heel goed, ik las mijn eigen naam keer op keer op keer. Heel bijzonder vond ik dat!

    Hoi, mijn naam is Norah!
    Hoi, ik ben Norah

    Dan komt het punt dat ik naar buiten moest komen met mijn eigen naam. Kort gezegd: mijn jeugd was niet veilig genoeg om te zijn wie ik ben. Het daaroverheen stappen kost tijd en het verwerken kon pas beginnen vlak voor de Coronapandemie. Terwijl ik alle ballen in de lucht probeerde te houden kwam ik mijzelf tegen toen de pandemie begon en ik kon niet meer doen wat ik altijd deed. Een periode van twijfel, bezinning en uitvogelen wat ik dan wél wilde volgde.
    Sinds een jaar stel ik mijzelf voor met “Hoi, ik ben Norah” en dat voelt als mijzelf.

    Nu is het tijd om mijzelf aan jullie te herintroduceren: Hoi, ik ben Norah!

  • Chocolademelk

    Chocolademelk met een heerlijk, pittig recept.

    De hele zomer kan ik er naar uitkijken: de herfst! Vallende blaadjes, knus haardvuur en vooral de chocolademelk! Heerlijk na het uitwaaien of wanneer je verregend bent. Een klein verwenmomentje in een mok, afgetopt met slagroom, marshmallows en een snufje liefde (kaneel!).  Onder het recept vind je tips voor een heerlijke chocolademelk.

    Hollandelijke chocolademelk voor 1 persoon, maar je kunt gemakkelijk het recept verdubbelen voor meer personen.

    Nodig:

    • Een grote mok
    • 200 ml melk, bij voorkeur halfvolle of volle melk
    • 1 eetlepel (afgestreken) cacaopoeder
    • 1 eetlepel bruine basterdsuiker (ongeveer net zo veel als de cacao)
    • ½ theelepel kaneel
    • Mespuntje zout
    • ¼ theelepel oploskoffie (optioneel)
    • Een pannetje en een garde

    De bereiding:

    1. Zet alles klaar.
    2. Doe de cacao, bruine basterdsuiker, kaneel, zout en de oploskoffie (optioneel, maar is wel erg lekker) in het pannetje.
    3. Roer met de garde totdat je geen klontjes meer hebt.
    4. Voeg de melk toe terwijl je roert.
    5. Zet de pan op de hittebron (fornuis/kookplaat)
    6. Blijf roeren met de garde totdat de chocolademelk heel warm is, maar niet kookt.
    7. Schenk voorzichtig de chocolademelk over in een grote mok.
    8. Top af met lekkers: slagroom, marshmallows of een paar churros.
    9. En serveer met een speculaaskoek, het recept vind je hier.

    Tips en trucjes

    Van een waterige chocolademelk word ik niet warm of koud, net als de mierzoete koffieautomaten choco. Wanneer je de chocolade wil proeven moet je melk gebruiken met een wat hoger vetgehalte, dus halfvolle of volle melk. Je kunt zelfs ongeklopte slagroom gebruiken, maar dat zijn veel calorieën.  

    Verder is het belangrijk dat je cacao gebruikt, je kunt ook kant en klare chocolademelkmix kopen, maar die is vaak te zoet en vaak is het cacaogehalte minimaal. Wanneer je eenmaal zelf chocolademelk hebt gemaakt, maak je nooit meer een kant en klare mix.

    De chocolademelk kun je verrijken met verschillende smaakjes. Als je de oploskoffie weglaat wordt de chocolademelk een beetje minder pittig en je kunt dan andere specerijen en kruiden toevoegen. Je kunt een snufje gemberpoeder of een scheutje gembersiroop toevoegen. Je kunt ook een takje munt mee verwarmen in de melk, deze haal je eruit voordat je het in de mok giet. De variatiemogelijkheden zijn eindeloos!

    Ook van een gewone chocoladereep kun je chocolademelk maken. Hierbij telt de regel: hoe hoger het cacaogehalte in de chocolade hoe vetter de melk moet zijn. Een van de verrassender recepten is de witte chocolademelk, omdat de kleur wit is verwacht je de smaak niet.

    Recept witte chocolademelk

    Nodig:

    • Een grote mok
    • 200 ml magere melk
    • 60 gram witte chocolade
    • ½ theelepel kaneel
    • Een pannetje en een garde

    De bereiding:

    1. Zet alles klaar.
    2. Verwarm de melk in een pannetje, de melk mag niet koken.
    3. Breek ondertussen de chocolade in kleine stukjes.
    4. Wanneer de melk warm is doe je voorzichtig de chocoladestukjes in de warme melk.
    5. Haal de pan van de hittebron.
    6. Roer met de garde totdat je geen klontjes meer hebt en de melk schuimig is.
    7. Schenk voorzichtig de chocolademelk over in een grote mok.
    8. Top af met de kaneel die je over de melk strooit
  • Mijn liefde voor garens en waarom ik toch sorry zeg.

    Haak het garen niet voordat je het gekocht hebt. Mijn liefde voor garens en waarom ik toch sorry zeg.

    Soms krijg je iets wat je niet verwacht… Op de sociale schuren van het internet deelde ik iets mij (behoorlijk) tegenviel. Er was namelijk een pakketje bezorgd met een inhoud die ik niet had besteld. Jawel, ik had besteld bij een wolwinkel en ik had ook keurig de hoeveelheid gekregen. Maar de crèmekleurige knotten garen waren zachtroze, dat had ik niet besteld. Contact gezocht met de webwinkel en daar zat de angel: zij accepteerden geen retour omdat zij stopten.

    Mijn verbazing deelde ik op het internet. Ondertussen had ik mijn hart al verloren aan het garen en de kleur en ik dacht dat ik dat duidelijk had gemaakt in mijn schrijfsel. Tot mijn grote verbazing kreeg ik een aantal privéberichten waarin werd gevraagd om de naam van de webwinkel. Mensen waren dus bereid om die webwinkel te benaderen met de wettelijke regels in de hand. Heel lief, maar absoluut niet mijn bedoeling! Er hoeft niemand door het slijk en ook kielhalen is niet nodig. De webwinkel stopt en ik heb duur garen voor een zacht prijsje gekocht. En met het garen voel ik mij een bofbibs.

    Ook kreeg ik van verschillende mensen de vraag of ik alle webwinkels slecht vond. Van die vraag schrok ik me wezenloos, was ik dan zo onduidelijk geweest? Had ik dan niet duidelijk genoeg mijn liefde verklaard aan de wolwinkel in het algemeen en het garen?

    Voor wie het niet weet, ik woon niet in een dorp of stad. Ook niet in een gehucht. Hier op het platteland met vrij uitzicht en wintertarwe voor de deur en op de akker ernaast staan de tulpenbollen (Yes!). Er komen hier geen brommers met een warmhouddoos op de bagagedrager met pizza aan de deur, veel te ver van de bewoonde wereld. Hier in de buurt zijn niet zo veel winkels. Voor wekelijkse boodschappen gaan we naar een dorp en als je niet te veel haalt kun je het op de fiets doen. De andere dingen (kleding, drogisterijartikelen, garens en andere hobbydingen) kopen wij, wegens tijdgebrek -en omdat er altijd veel keus is- online.

    Je kunt dus stellen dat ik wel wat ervaring heb met webwinkels. Mijn ervaring is dat er wel eens iets fout gaat en dat dit altijd opgelost wordt. De meeste bestellingen komen zonder problemen aan en ook retourneren is geen probleem. Ik durf te stellen dat mijn ervaringen met webwinkels een positieve uitkomst hebben. Dat mag ook wel eens gezegd worden: (web)winkels zijn goed bezig!

    Mijn liefde voor garens en waarom ik toch sorry zeg.

    Bij deze wil ik dus mijn excuses maken voor de commotie die ontstaan is. Ik houd van garens. En ik hou van garens kopen, vooral online.

    #myfavoriteyarnsupplier mijn liefde voor de wolwinkel

    Het volgende doe ik omdat ik blij ben met de wolwinkel, van stenen tot online en van marktkraam tot beurs. De mensen achter de wolwinkel wil ik bedanken met de volgende actie: deel op Instagram jouw favoriete garensnoepwinkel met #myfavoriteyarnsupplier (mijn favoriete garen aanbieder).

    De wolwinkel top 5

    Omdat ik regelmatig garens en toebehoren koop heb ik niet één favoriet. Daarom heb ik een top 5 gemaakt van winkels waar ik graag koop:

    1. De Haakfabriek, hier staat Chantel voor je klaar met raad en daad, ze heeft mooie garens en veel accessoires om je haaksels mee af te toppen.

    2. De winkel van Zaans Geluk moet wel tjokvol garens liggen, zo veel merken dat ze hebben! Je vindt er de bekende merken, maar ook Nederlandse schapenwol van Texel.

    3. Van de webshop van Pleun van Studio Woord en draad word ik altijd een beetje hebberig. Hier vind je veel hebbedingen die het haken nog leuker maken!

    4. Mijn vriendin Annemarlies heeft ook een webwinkel Signora Anna, ze heeft ongelooflijk veel productkennis en heeft alleen de merken waar zijzelf ook mee haakt en breit.

    5. Als laatste een winkel in het pittoreske Meppel, de Haakgarage. Heel vroeger liep ik daar langs met een hongerig pubermaagje om een puddingbroodje te halen bij de bakker. Het was toen een echte garage voor auto’s. Nu kun je er wolletjes kopen en heerlijk breien en haken in het breicafé. Ze hebben een groot assortiment garen, waaronder garen van Wol met Verve. Het is een stenen winkel zonder webshop, maar je kunt je uitstekend vermaken in Meppel!

    #myfavoriteyarnsupplier

    Heb je net een nieuw wolletje op de kop getikt? Ben je blij met de (web)winkel? Deel het op bijvoorbeeld Instagram!

    Als dank voor elke aankoop die bij Hollandelijk is gedaan wil ik je een cadeautje geven: de haakhulpjes, je vindt hier een work in progresslijst en patroonbladen waar je alle informatie kunt opschrijven over je haakprojecten.

    Veel haakplezier!

  • De ideale breedte voor een omslagdoek

    Regelmatig zie ik de vraag voorbij komen over de ideale breedte van een driehoekige omslagdoek. De meest gegeven antwoorden van andere haaksterren zijn dat het heel persoonlijk is hoe breed je de omslagdoek moet haken of breien. Met zo’n antwoord kun je niet veel, ook al is het waar. Wat bij de ene haakster een fijne, royale omslagdoek oogt, hoeft niet zo royaal te zijn bij een ander persoon. En wat voor de een te krap is, kan voor een ander betekenen dat die zich er 3x in kan rollen. Omdat er zo’n verschil is heb ik wat onderzoek gedaan en kwam tot de conclusie dat er een foefje is voor de perfecte maat omslagdoek. En er is een formule om uit te rekenen wat de ideale omslagdoek is voor jou.

    Je denkt misschien dat ik luister, maar ondertussen bedenkt ik hoe de sjaal die je draagt gehaakt wordt.

    Gelukkig is er een oplossing!

    De oplossing is eigenlijk heel simpel. Je hebt een meetlint en een rekenmachine(app) voor nodig. Maar voordat je de formule kunt toepassen, is er een beetje theorie. Er zijn, net als bij kleding, verschillende maten:

    • Maat S. Deze maat omslagdoek wordt veel gebruikt als kleine sjaal bij bijvoorbeeld een winterjas of als accessoire op een blouse. Hierbij kun je de punt afwisselend voor of achter dragen. De omslagdoek past goed om je schouders en de punten raken elkaar aan de voorzijde als je deze om de schouders draagt. Deze maat wordt ook gebruikt bij poncho’s.
    • Maat M. Deze maat omslagdoek is iets groter dan maat S en wordt vooral aangeraden als kleine sjaal voor dames met een grotere buste. De punten kunnen gekruist worden over de buste (tenzij de buste aan de maat is). Deze maat wordt ook gebruikt bij poncho’s en opengewerkte, kantachtige patronen.
    • Maat L. Dit is de meest gehaakte en gebreide maat. De omslagdoek kun je royaal om je heenslaan. Je kunt deze maat ook dragen in plaats van een jas, heel handig als een jas te warm is maar het te koud is voor zonder. De punten van de omslagdoek kun je in een (simpele) knoop leggen. De maat is heel geschikt voor opengewerkte kantachtige patronen en voor de patronen met een dichtere steek.
    • Maat XL. Deze maat is voor de koukleumen onder ons. De omslagdoek is zo groot dat deze ruim over de ellebogen valt, ook als de middenpunt minder diep is. Je kunt er helemaal in wegkruipen en maat XL kun je ook gebruiken als dekentje. Deze maat is heel geschikt voor dichte patronen en voor omslagdoeken die je als vervanging van je jas wil dragen.
    • Maat XXL. Dit is de reus onder de omslagdoeken en je kunt deze met z’n tweeën dragen. Door het formaat van bijna-twee-persoons-deken is het vaak wel een prijzige omslagdoek en qua formaat is het superoverdreven, maar wel heel fijn.
    • Maat Royaal. Dit is de maat die je krijgt als je maar door blijft haken. Enorm en toch heerlijk om in weg te kruipen. De punten van de omslagdoek kun je achter je rug vastknopen en dat maakt deze maat geschikt als knuffeldeken en als joekel van een fashionstatement.

    De maten van de omslagdoek zijn geen kledingmaten en dat kun je dus ook niet zo overnemen. De maat zegt alleen iets over de manier waarop je de omslagdoek kunt dragen. Hoe groot deze wordt hangt af van de breedte van je schouders. Ook moet je niet op een centimeter meer of minder kijken, het patroon is vaak de leidraad bij de uiteindelijke grootte.

    Je meet de schouders van punt tot punt.
    Je meet, met een meetlint, de schouders achter de rug langs. Van punt tot punt.

    De formule

    Het is belangrijk om te weten hoe breed jouw schouders zijn, meet in centimeters dit van schouderknobbel tot schouderknobbel over je rug langs. Het beste kun je dit doen met een meetlint en wanneer je het laat meten door iemand anders, krijg je een beter meetresultaat. Dan beslis je hoe de omslagdoek moet vallen aan de hand van de theorie die hierboven beschreven staat.
    Nu is het tijd om de rekenmachine erbij te pakken, door middel van de formule kun je uitreken hoe groot de omslagdoek wordt:

    De formule voor de maat van een omslagdoek.
    De formule voor de maten S tot Royaal.

    Je typt in het aantal centimeters dat je hebt gemeten en dat doe je keer de maat van de omslagdoek die je wilt maken. Het antwoord is de breedte in centimeters van de omslagdoek. Bijvoorbeeld: mijn schouders zijn 45 centimeter en ik wil graag een omslagdoek maat XL. De formule is dan 45×4,5= 202,5 centimeter.

    Volg het patroon totdat je de gewenste breedte hebt gehaakt (of gebreid natuurlijk!). In mijn voorbeeld haak ik dus door totdat ik ongeveer 202 centimeter heb.

    Voor mensen die geen wiskundeknobbel hebben heb ik een tabel gemaakt waarbij je direct kunt zien hoe groot de omslagdoek ongeveer wordt. Hiervoor moet je wel de maat opnemen van je schouders zoals ik eerder heb uitgelegd. Daarna kijk je welke maat je graag wil en vervolgens staat er hoe breed de omslagdoek in centimeters wordt.

    De maat voor een omslagdoek, de tabel voor de maten S tot Royaal.

    Meer tips

    Voor omslagdoeken die je van punt tot punt haakt of breit geldt dat je begint met minderen op de helft van de uiteindelijke grootte. Natuurlijk moet je er wel rekening mee houden dat de omslagdoek nog opgespannen moet worden. Door het opspannen kan een omslagdoek wel 10-20 centimeter groter worden door het opspannen. Ideaal is dus als je begint met minderen op iets minder dan de helft van de uiteindelijke grootte. Beetje technisch dit, maar als je 5 centimeter minder haakt of breit dan de helft van de maat van de omslagdoek dan komt het wel goed.

    De diepte van de punt is afhankelijk van het patroon, sommige patronen hebben een punt terwijl andere patronen meer rond lopen en dus minder diep zijn. De breedte van een omslagdoek heeft wel iets te maken met de diepte van de punt, maar niet zoveel als het patroon. Wil je een extra brede omslagdoek, maar niet een diepe punt dan kun je het beste kijken naar patronen die rond lopen of naar een stola. Stola’s zijn rechte omslagdoeken en perfect voor mensen die niet zo van puntige omslagdoeken houden. Wil je een leuk stola haken kijk dan eens bij de Waving Wheats Wrap.

    De uiteindelijke grootte van de omslagdoek is na het opspannen/blocken vaak nog iets groter. Dit hangt af van de gebruikte steken en van de manier van opspannen. De maten zoals ik ze hierboven heb beschreven zijn een indicatie en een richtlijn.

    Voor kinderen heb ik geen formule gemaakt, maar misschien werkt deze formule ook voor de grutjes die graag een omslagdoek of poncho willen dragen.

    Veel haakplezier!

  • Happy New Year!

    De allerbeste wensen voor 2020!

    Happy New 2020!

    Het afgelopen jaar is er veel gebeurd. Narigheid, kommer en kwel zorgden ervoor dat ik weinig heb gedaan met bloggen en ontwerpen. Het liefst wilde ik 2019 overslaan. Dat gaat helaas niet, dus ik heb ervoor gekozen om alleen aan de leuke dingen te denken die ik afgelopen jaar heb gedaan!

    2019, de leuke dingen

    In 2019 ben ik 2 keer bij een InstaSwap geweest. Voor degenen die het niet kennen: het is een middag waarbij we onder het genot van een high tea gezellig kletsen met andere Instagrammers. Je ziet dan de gezichten achter de accounts en dat is heel leuk! Ook maak je iets moois voor iemand anders, Patricia maakte voor mij gave pannenlappen en ik maakte voor haar pannenlappen met een paddenstoel.

    We hebben een reisje naar Barcelona gemaakt, mijn echtgenoot en ik. We zijn naar Parc Guell geweest, hierbij werden we vooral verrast door het grote, vrij toegankelijke park. Koffie drinken aan het strand is iets waar we nog graag aan terug denken! Bij Barceloneta vonden we een kunstwerk waar ook waterpolo in verwerkt was, als waterpololiefhebbers was dat leuk om te zien. Ik kocht een handgeverfde streng garen bij een wolwinkel, in de kleuren die passen bij Barcelona.

    Onze Fiore van Juttersburch

    Minder leuk, maar wel iets waar wij met een goed gevoel op terug kijken is dat onze oude Fiore overleed op 2 juli. We hebben ruim 15 jaar van haar mogen genieten en haar aanwezigheid wordt gemist. Ze was mijn fotomodel, bloemenmeisje (‘Blijf van die fuchsia’s af, Fiet!’) en knuffelbeertje.

    Inmiddels ben ik met mijn vierde paar bezig, in 2019 heb ik geleerd sokken te breien. Omdat ik erg opzag tegen het breien van de teen, ben ik daar begonnen. En, ondanks dat ik een beginner ben in het sokken breien en er bij de eerste sokken wat gaatjes ontstonden, durf ik best te zeggen dat gebreide sokken fijner dragen dan die uit de winkel.

    Home is where the yarn is

    Ook leerde ik handletteren van juf Laura Letterloods. Mijn handschrift is er met sprongen op vooruit gegaan. Afgelopen december gaf Laura een cursus brushletteren en daar was ik ook bij. Zwieren en zwaaien, mooie letters op het papier laten glijden. Kortom, ik heb er een nieuwe hobby bij en in 2020 blijf ik lekker door letteren.

    2020, een vooruitblik

    Het is natuurlijk in een glazen bol kijken, maar in 2020 hoop ik dat het beter gaat dan afgelopen jaar. Zoals ik al eerder schreef, dat jaar had ik best willen overslaan!

    In 2020 wil ik regelmatig bloggen en mijn nieuwe patronen delen. Er liggen al een aantal klaar en zijn bijna zo ver dat er getest kan worden door haaksterren.

    Light Festival Amsterdam 2020

    Een van de dingen die ook vaststaat is dat ik ein-de-lijk mijn verjaardagscadeautje krijg. Een jaarabonnement op de orchideeënhoeve, we wonen er vlakbij en je kunt er heerlijk wandelen door de tropische tuinen. Echtgenoot en ik doen graag leuke dingen samen, zo zijn we afgelopen woensdag naar Amsterdam geweest en hebben daar een lichtjestocht gedaan met een rondvaartboot

    Verder ga ik eerst mijn WIP’s afmaken voordat ik iets nieuws aan de haak hang en ik ga in 2020 geen garen kopen (misschien dan hé, dit is optioneel mijzelf kennende 😊). En ik ga een heleboel sokken breien.

    Sokken breien is hip!

    Voor jullie:

    🎆 De allerbeste wensen voor 2020! 🎆

    💕 Veel geluk, plezier, liefde, een goede gezondheid en genoeg wolletjes om het jaar door te komen. 💕

    En 2 handige cadeautjes: Een lijstje voor je Work In Progress’en en een stapeltje patroonbladen waar je, heel handig, alles op kunt schrijven over het patroon dat aan jouw haak hangt.

    Liefs, Norah

  • Hoe vind je je haaksprankeling weer terug?

    Nou daar zit je dan. Met een donkere wolk wol boven je hoofd en een ongebruikte haaknaald ergens in een laatje. Het is een officiële vaststelling: je hebt een haakdip en je bent je crojo verloren. Ook is je haaksprankeling is verdwenen. Wat nu? Belangrijk is om te weten waar je haakdip vandaan komt, want vaak zit de oplossing in de kern van het probleem. In de blog die ik er over schreef kun je een aantal redenen vinden van een haakdip.

    Na het vaststellen van je haakdip en de oorzaak ervan, kunnen we op zoek gaan naar de oplossing. In de vorige blog heb ik 7 oorzaken van een haakdip genoemd: Drukte; geen zin meer; verkeerd niveau; leukere dingen; turbulentie; chaotica; keuzestress. Natuurlijk is een haakdip heel persoonlijk en zijn de oplossingen ook heel persoonlijk. Het onderstaande is bedoeld als inspiratie en het is niet gezegd dat je haakdip van deze tips overgaat. Vind je dat je haakdip te lang duurt of dat je wereld er donker uitziet? Ga dan alsjeblieft naar de dokter en praat over wat er aan de hand is.

    Haaksprankeling

    Wat zijn de oplossingen wanneer je te druk bent?

    • Zorg voor kleine rustmomentjes en zet dit in je agenda. Ga dan, bewust, niets anders doen dan haken en laat niemand jou storen! Een 10 minuten haken is meer dan helemaal niet haken.
    • Haak aan kleine projecten, zoals een granny square van maximaal 3 toeren. Je haakt ze aan elkaar tot een groter project op het moment dat je er wel tijd voor hebt.
    • Kijk af en toe eens op Pinterest, daar vind je veel inspiratie. Voor patronen kun je kijken op Ravelry. Op deze manier hou je toch een draadje naar het haken en dat kan je helpen om over de haakdip heen te komen.

    Geen zin/ zin maken? Was het maar zo simpel.

    • Pak er een ander project naast. Je zou een ander haakwerkje kunnen afmaken, maar je kunt ook iets nieuws aan de haak hangen. Het voordeel is dat je kunt wisselen en zo wordt een langdradig project een stukje leuker om af te maken.
    • Haal je haakwerk uit of laat het door iemand anders afmaken. Vraag jezelf af of het project wel voldoende haaksprankeling heeft om door te haken. Waarom zou je doorhaken aan een project als jij er niet blij van wordt?
    • Wil je het ‘geen zin project’ toch afmaken, heel goed! Haak dan maximaal een half uur en ga dan iets anders doen.
    • Leer een nieuwe techniek, sommige mensen vinden de haaksprankeling weer terug als ze leren breien of tunisch haken. Bedenk iets creatiefs waar garen en draadjes gebruikt bij worden.

    Boven of onder je niveau haken is ook niet handig. Voor beide zijn er dezelfde oplossingen:

    • Haal je haakwerk uit. Als je er niet blij van wordt, waarom wil je er dan je tijd aan verspillen? Zeker wanneer een patroon te moeilijk is of te saai is uithalen een goede optie.
    • Verklein je project. Dan wordt het maar geen 2-persoonsdeken of een trui-met-alle-moeilijke-steken. Soms is een klein tasje of een kussenhoes alles wat er van te maken is.
    • Vraag tips aan ervaren haaksters. Je vindt ze op Facebook (en ik vind het geen probleem als je deze vragen op de pagina van Hollandelijk stelt). Ook kun je de ontwerper, als je weet wie het is, vragen om hulp.
    • Deel foto’s van je voortgang met anderen, dat kan familie zijn of mensen die wel haken. Dat mag op de Facebookpagina van Hollandelijk. Door het te delen stimuleer je het haakplezier en komt je haaksprankeling weer bovendrijven.
    Haaksprankeling met hartje

    Dus je hebt leukere dingen te doen dan haken.

    En denkt er over om misschien je haaknaald aan de wilgen te hangen (en bent daar nog niet aan toe). Waarschijnlijk ben je een creatieve duizendpoot en is het is niet de eerste hobby die je uitprobeert en vervolgens laat verstoffen. Niks mis mee. Helaas is haken verslavend dus blijft het altijd wel lonken. Dan zijn deze tips voor jou:

    • Haak iets wat je kunt gebruiken bij je nieuwe hobby, een leuke tas of een handig mandje.
    • Probeer lekker creatief te denken en maak een mix van je nieuwe hobby en haken. Hierbij kun je denken aan mixes media, maar ook aan het simpel toevoegen van een beetje garen aan een nieuw project.
    • Ga sokken breien of maak een tunischgehaakte sjaal, grote kans dat jouw haaksprankeling weer wordt geactiveerd als je iets simpels doet met een bol garen
    • Zoek inspiratie op Ravelry en Pinterest, grote kans dat je creatieve energie gaat stromen van alle leuke haakwerkjes die je daar vindt.

    Het leven gaat niet over rozen, maar de turbulentie die je nu ervaart zorgt voor een haakstop en een haakdip.

    Voor jou een paar tips:

    • Blokkeer tijd in je agenda voor jezelf. Ga dan iets anders doen dan dat wat met de turbulentie te maken heeft. Het helpt om beter met de turbulentie om te gaan. Ga naar een haak- en breicafé, of bezoek je favoriete wolwinkel/beurs. Praat met mensen en heb het over haken en andere leuke dingen.
    • Haak iets voor een goed doel, dat haalt de gedachten even bij de turbulentie weg. Er zijn verschillende goede doelen die blij zijn met je haaksels. Maak het jezelf niet te moeilijk, er zijn veel goede doelen die (hoge) eisen stellen aan je haakwerk. Maar er zijn ook projecten waarbij dan minder belangrijk is, bijvoorbeeld haken als activiteit bij de ouderen in een buurthuis.
    • Verwen jezelf met een fijne kop koffie/thee met wat lekkers en een nieuw haaktijdschrift of dat nieuwe patronenboek. Hierdoor houd je toch een connectie met het haken zonder dat je echt aan de haak bent.
    • Geef jezelf de tijd om je haaksprankeling weer terug te krijgen, de storm moet uiteindelijk weer gaan liggen.

    Tante Til deed het met roze, jij met garen en haaknaald. Een kloddertje hier en een wolletje daar. Wie heeft je haaknaald verstopt? Het is een warm welkom bij Huize Chaotica!

    • Geen leukste tip voor jou, lief warhoofd. Maar het is echt tijd om de boel op te ruimen. Probeer elke dag een kwartier de tijd te nemen voor het opruimen van de creatieve bende die je gemaakt hebt. Zoek je garen uit, verkoop of doneer wat je niet meer gaat gebruiken. Ruim de projecten waar je verder aan wil haken op in eigen mandjes of tassen. En schrijf op welk patroon het is, welk garen en welke haaknaald je gebruikt. Schep orde in de chaos en op deze manier krijgt jouw creatieve brein weer de ruimte voor jouw haaksprankeling.
    • Maak een ‘Work in Progress’ lijst. Zo heb je overzicht en weet je hoeveel projecten je nog hebt liggen. Werk ze allemaal af voordat je weer een nieuw haakwerk oppakt (en wees hierin een beetje streng voor jezelf!). Je kunt er ook voor kiezen om een aantal haakwerkjes uit te halen.
    • Hier komt de leukste tip van de hele lijst! Maak een creatief Bullet Journal speciaal voor je haakwerk en garens. Je kunt de projecten waar je mee bezig bent in opschrijven, een lijst maken van al je garens en een verlanglijst maken (handig voor je verjaardag!). Zit je een keertje om inspiratie verlegen, dan hoef je alleen maar je BuJo erbij te pakken. Zelf heb ik een multomap speciaal voor mijn creatieve haakuitspattingen, werkt als een tierelier!

    En als laatste ons lieve stresskipje. Jij hebt wel het overzicht, maar te veel keuze om te beginnen. Jij hebt last van keuzestress.

    Voor jou ook een paar tips:

    • Je hebt het overzicht en weet precies welk patroon bij het garen hoort. Je hebt alleen te veel patronen en garens. Het is tijd om alleen te houden wat jou blij maakt. Gebruik de volgende criteria: Word je blij van het garen én het patroon, dan mag het blijven. Word je niet blij van het garen of het patroon, dan moet het gaan. Verkoop, geef weg of haal het haaksel uit. Voor jou telt dat het heel Marie Kondo moet zijn, het moet een ‘Spark of Joy’ hebben.
    • Verwijder jezelf uit een heleboel Facebookgroepen die over haken gaan. Houd er maximaal 5 over. Je creatieve brein kan overbelast raken van alle leuke patronen die je tegenkomt omdat je te veel leuks ziet. Hetzelfde telt voor Pinterest, je kunt ervoor kiezen de app (tijdelijk) van je telefoon te verwijderen of om een tijdslot er op te zetten.
    • Doe niet mee met CAL’s of MAL’s. Op het moment zijn er zo ontzettend veel meehaak-projecten en daar een keuze uit moeten maken is stressvol. Je kunt niet met elke hype meehaken, daar moet je realistisch in zijn en de keuzestress zorgt in jouw geval voor een haakblokkade.
    • Werk je lijst met onafgemaakte projecten af voordat je iets nieuws aan de haak slaat. Heb je niets meer aan de haak hangen dan staat hier onder een bonustip.
    • Laat iemand anders beslissen wat je volgend project wordt of maak een cadeautje voor iemand die je goed kent. Zo kun je de creatieve energie weer prikkelen en vind je de haaksprankeling weer terug.
    Haaksprankeling met kaarsje

    Natuurlijk zijn er nog veel meer dingen die je kunt doen om een haakdip aan te pakken.

    Heb je een leuke tip, schrijf deze dan in de reacties. In een andere blog zal ik de tips en tricks bundelen. Met z’n allen kunnen we de haaksprankeling weer terugbrengen!

    Veel haakplezier, liefs Norah!